Heksjeweltevree.jouwweb.nl
Home » Hekseninfo » Tarot

Tarot

Dacht u nu echt dat stukjes karton

”de toekomst kunnen voorspellen?”

“Nee, daar zijn ze niet voor!

De waarde van de Tarot is,

dat het mensen aan het denken zet,

om de voors en tegens van de situatie

tegen elkaar af te wegen.

 

(bron buro voor Tarot)

 

Al vroeg maakte ik kennis met de Tarot, er ging een wereld voor mij open. Alsof ik een groot prentenboek in mijn handen had over het leven.

 

Al doende leer je wat de kaarten betekenen en hoe de legging geïnterpreteerd moet worden voor diegene die vraagt om een legging. Tarot is geen middel om de toekomst te voorspellen, wel is het een manier om over onderliggende vragen bij problemen na te denken. De oer oude tekeningen spreken vaak tot de verbeelding en geven een richting aan in het denken en bezig zijn met problemen. Vaak schrikt de Tarot af omdat  de Grote Arcana themakaarten bevat als bijvoorbeeld de Dood, en soms denken mensen dat deze kaart overlijden aangeeft. Dit is echter niet waar, het geeft een transformatie aan, net zoals andere wat vriendelijk ogende kaarten. 

 

 

De Tarot is een deck van 78 kaarten, deze kaarten zijn onderverdeeld in de kleine en grote Arcana. De kleine Arcana bestaat uit 56 kaarten. Deze zijn onderverdeeld in 4 thema's namelijk Staven, Bokalen, Munten, Zwaarden. Arcana is Latijn en betekend letterlijk vertaald geheim.  De kleine Arcana staat voor het leven van alledag en symboliseert dagelijkse gebeurtenissen. Deze kleine Arcana is onderverdeeld in 16 hofkaarten (Koning, Koningin, Ridder en Schildknaap) en veertig getalskaarten, oplopend van aas tot en met tien.

De Grote Arcana van de tarot telt in totaal 22 kaarten. De Grote Arcana wordt door de meeste mensen gezien als symbool voor de verschillende levensstadia van een mens op aarde: van je geboorte tot het moment van je dood. Daar waar de kaarten van de Kleine Arcana alledaagse gebeurtenissen in het leven symboliseren, vertegenwoordigen de 22 kaarten van de Grote Arcana in de tarot de belangrijke veranderingen in het leven.

 

Er zijn verschillende leg patronen mogelijk bijvoorbeeld het Keltische kruis,

 

Het Keltisch Kruis Het Keltisch kruis is een van de bekendste leggingen van de tarot. Het Keltisch kruis is echter niet zo eenvoudig te duiden. Het is bij een legging niet de bedoeling om een concrete vraag te stellen waar je een pasklaar antwoord op verwacht. De kaarten kunnen je helpen om de zaak van een andere kant te bekijken. Een vraag als "Wat is er nu belangrijk in deze situatie?" is een geschikte vraag.

 

Kies in totaal 10 kaarten en leg ze steeds omgekeerd op het stapeltje. Nadat de 10 kaarten zijn getrokken keer je het stapeltje om. Je legt nu de kaarten in de posities die hiernaast in de tekening zijn weergegeven. De kaart die je het eerst getrokken hebt leg je in positie 1, enz.

Op de afbeelding zien we een kruis (de kaarten 1 t/m 6) en een 'staf' (de kaarten 7 t/m 10). Het kruis betekent: het onbewuste (3) en het verleden (4) leiden naar het bewuste (5) en de toekomst (6). De stafkaarten duiden op je innerlijke gids. Ze geven commentaar op de situatie.

 

 

 

Wat betekenen de posities?
1. Hier draait het om.
2. Dit komt er nog bij.
3. Dit wordt vermoed.
4. Dit heeft ertoe geleid.
5. Dit wordt ingezien.
6. Zo gaat het verder.
7. Zo ziet de vragensteller het.
8. Zo zien anderen het.
9. Angsten en verwachtingen.
10. Het uiteindelijke doel.

 

 

(bron Tarotweb.nl)

 

Naast deze manier van leggen is het mogelijk om bijvoorbeeld een dagkaart te trekken of drie kaarten te trekken. Als men gaat werken met de Tarot is het belangrijk dit in een rustige, schone omgeving te doen. Met schoon bedoel ik een beschermende ruimte, schoon van negatieve energie. Vaak maak ik een cirkel, brand ik wierook en zorg ik dat ik zelf in een rustige gemoedstoestand ben. Na het leggen van Tarot, maak ik de cirkel weer open...

 

De reis van de Dwaas...

 

 

Ik vond een mooi stukje tekst uit het Tarot werkboek geschreven door Jolanda Bolt en via het forum van de Toverketel onder mijn aandacht gebracht.  

 

 

 

 

Hieronder volgt de reis van de Dwaas. De Dwaas staat in dit verhaal van de Grote Arcana voor het individu of voor een onderdeel van jou dat op reis is. Lees het verhaal dan ook met je eigen ervaringen op de achtergrond. Kaarten van de Grote Arcana worden aan geduid door het nummer van de kaart achter de titel aan te geven. Daardoor is het duidelijk over welke kaart we het hebben omdat niet iedere tarotspel dezelfde titels worden gebruikt.

We beginnen met de reis van de Dwaas (0) Deze kaart richt zich op een frisse start. Hij staat voor onszelf als we op de wereld komen als een onschuldig kind. Hij is een ‘dwaas’ omdat hij nog het onschuldige vertrouwen heeft om deze reis te beginnen zonder dat hij weet heeft van de gevaren en pijn die erbij kunnen horen. De Dwaas is dus niet gek of nar-achtig, maar wordt zo genoemd omdat hij gewoon niet beter weet dan dat. Aan het begin van de reis is hij als een pasgeboren kind, fris, open en spontaan. Over het algemeen wordt hij afgebeeld terwijl hij op een fluit speelt om aan te geven dat hij plezier heeft in de eenvoudige dingen. Hij staat op de rand van een klif. Hij is zich niet bewust van de uitdagingen die voor hem staan zodat hij zijn levenslessen kan leren.

Zodra hij op weg gaat ontmoet hij de Magiër (1) en de Hoge Priesteres (2), de grote krachten die balans brengen in de wereld zoals wij ze zien. Zij symboliseren het mannelijke en het vrouwelijke, de positieve en de negatieve. Niet het een zonder het ander. Samen vormen ze zij de balans in het universum. Het is een menselijke trek om, zodra we iets ervaren, ook het tegenovergestelde te kunnen bedenken. De Magiër is een wijze man en vraagt de Dwaas wat zijn doel is. Maar omdat hij nog niets weet, kan de Dwaas geen antwoord geven op deze vraag. De Magiër stuurt hem daarom op weg met de wijze raad om elke situatie van verschillende kanten te bekijken voordat hij een keuze maakt. De Hoge Priesteres die de Magiër vergezelt lijkt een mysterieuze vrouw. De Dwaas kijkt haar aan en weet dat het hier ook gaat om een wijze persoon. Hij vindt dat de twee goed bij elkaar passen. Op een of andere manier houden ze elkaar in evenwicht, als een positieve en negatieve kracht. De hoge Priesteres verteld de Dwaas dat hij een aantal gebeurtenissen zal tegenkomen op zijn reis, waarbij het van groot belang zal zijn dat hij ze op intuïtieve manier moet benaderen. Als hij vertrouwd op zijn gevoel dan zal hij automatisch de juiste oplossing vinden. Daarvoor is veel zelfkennis nodig, maar door het leven te leiden zoals het op hem afkomt, zal hij snel genoeg leren. Na nog enige tijd met deze mensen doorgebracht hebben, weet de Dwaas dat het tijd nu tijd wordt om echt op reis te gaan.

Al wandelend en groeiend wordt de Dwaas zich steeds meet bewust van zijn omgeving. Zoals alle baby’s herkent hij als eerste zijn moeder, een warme, liefhebbende vrouw die hem voedt en voor hem zorgt. Tegelijk met zijn moeder maakt hij ook kennis met Moeder Aarde die in alles op hem heen huist: in de bomen, in de vogels, maar ook in de wolken aan de blauwe hemel. De Keizerin (3) die de moeder symboliseert staat voor de natuur en de zintuigen. De Dwaas voelt zich direct thuis bij haar en geniet voor een tijdje van haar goede zorgen. Eigenlijk kan hij daar niet genoeg van krijgen, maar na een tijdje ziet hij een nieuwe figuur op hem afkomen. Hij onttrekt zich aan de armen van zijn moeder en staat op. De Keizer (4) herkent hij als zijn vader. Hij kijkt eens goed naar de man. Eigenlijk ziet hij er wel streng uit. De man vertelt hem dat het wordt om de armen van zijn moeder te verlaten en dat hij op zoek moet gaan naar structuur en orde. De keizer geeft hem een aantal regels mee waaraan hij zich op zijn reis moet houden. Eigenlijk vind de Dwaas het wel prettig om wat duidelijkheid te krijgen. Nu weet hij wat beter waar hij aan toe is. Hij weet dat hij wat minder vrijheid heeft gekregen door de regels, maar bedenkt dat hij daar onderweg wel achter zal komen in hoeverre die regels hem zullen beperken in zijn vrijheid.

Na de ontmoeting met zijn moeder en vader gaat de Dwaas nu echt de wijde wereld in. Hij komt in aanraking met mensen die een bepaalde overtuiging hebben en maakt kennis met de tradities van zijn cultuur. Ook start hij nu zijn formele opleiding en gaat naar school. De Hierophant (5) staat voor het systeem van normen en waarden dat om hem heen is opgebouwd. Alles wat de Dwaas leerde van zijn opvoeders ligt in dit systeem opgesloten. Naast een schoolopleiding doet de Dwaas ook religieuze en spirituele kennis op. Hoe langer hij op weg is, hoe interessanter het wordt. Hij merkt dat hij wordt opgeleid om de maatschappij in te gaan. Om dat te kunnen moet hij op de hoogte zijn van de regels die daar gelden. De Dwaas wordt volwassen.

Tot op dat moment was hij op zichzelf gericht, maar na verloop van tijd voelt hij steeds meer dat hij een verbinding wil aangaan met een ander. Op een gegeven moment komt hij een beeldschoon meisje tegen. Hij besluit dat hij met haar zijn leven wilt delen (De Geliefden - 6). Maar na enige tijd komt hij erachter dat hij bij haar geen ontwikkeling meer doormaakt. Als hij bij haar zou blijven zou hij zichzelf geen eer aandoen omdat hij behoefte heeft aan meer verdieping in zijn leven. De keuze is moeilijk, maar na enige tijd besluit hij dat hij, als hij zich verder wilt ontwikkelen, verder zal moeten gaan met zijn reis.

De Dwaas heeft nu een sterke identiteit ontwikkeld en heeft tot op zekere hoogte beheersing over zichzelf. Hij heeft al veel geleerd en hij krijgt innerlijk steeds meer controle over zijn omgeving. Dit is hem alleen gelukt door gedisciplineerd en wilskrachtig het leven tegemoet te treden. Zijn ego wordt dan ook gesymboliseerd door de Zegewagen (7). De figuur op de strijdwagen gaat vol overgave de wereld tegemoet. Hij heeft de touwtjes in handen en kan voor zichzelf opkomen. Hij voelt zich zelfverzekerder dan ooit.

Na een tijdje komt de Dwaas toch weer in contact met uitdagingen die verschillende emoties in hem oproepen. Pijn en desillusie zijn af en toe zijn deel, maar dan put hij zijn innerlijke kracht (Kracht – 8 ). Op de moeilijke momenten is het een uitdaging om moed te ontwikkelen en door te zetten. Hij ontdekt de waarde van geduld en tolerantie. En hij leert nog een belangrijke les: dat hij niet altijd zijn zin kan doordrijven, maar dat hij ook gebruikt moet maken van een zachtere aanpak. Hij zal tot een zekere hoogte rekening moeten houden met de mensen om hem heen.

Dan komt het moment waarop de Dwaas over het ‘waarom’ van dingen begint na te denken. De zoektocht daarnaar vindt hij interessant en hij zondert zich voor een periode af om na te denken over de juiste vraag en natuurlijk over het antwoord daarop. Hij raakt vervult door de zoektocht door de zoektocht van het antwoord. Nieuwsgierigheid kun je het niet noemen, maar het is meer een diep gevoel van binnen om het antwoord te vinden op de vraag waarom mensen leven, behalve om te lijden en pijn te voelen. De Kluizenaar (9) staat voor die zoektocht.

Uit zijn innerlijke onderzoek begint de Dwaas er een beetje achter te komen hoe dingen en mensen verbonden zijn met elkaar. Hij heeft zijn eigen beeld ontwikkeld over het onderwerp van de wereld en zijn patronen en cycli. Hij ontdekt dat alles op de een of andere manier met elkaar samenwerkt in het universum. Het één heft het ander op of verstrekt een ander juist op een mooie manier. De Rad van Fortuin (10) staat symbool voor die harmonische samenwerking. De Dwaas ontdekt dat het leven soms moeilijk is en soms ook geweldig. Het ene en het andere wisselen elkaar af. Het ene moment voelt hij uitzonderlijk gelukkig en het volgende momentzit hij in de put. Als het minder goed met hem gaat, kan hij zien dat er weer een betere periode zal volgen daarnaast kan hij ook zien dat een leven niet louter hoogtepunten kan bestaan, maar dat hij ook dieptepunten moet mee maken om de hoogtepunten te kunnen ervaren. Elke keer leidt de kosmos hem naar punten waar hij een beslissing moet nemen. Na een moment van rust en innerlijk rondcirkelen krijgt de Dwaas weer behoefte aan actie en ziet hij dar er een groter plan is dat hem hier op deze reis heeft gebracht.

Gerechtigheid (11) staat symbool voor het richting geven en om te leren van zijn verleden. Het geeft hem keer op keer de kans om met een schone lei te beginnen. De Dwaas voelt zich verantwoordelijk voor zijn aandeel in de relaties die hij met anderen opbouwt. Hij ontrafelt de oorzaak en ziet het gevolg en hij besluit om de toekomst de zaken anders aan te pakken. Hij heeft de kans om te leren en zijn gedrag aan te passen, maar daarvoor moet hij wel eerlijk zijn naar zichzelf toe en moet hij zich ervoor behoeden om af te glijden naar een gemakkelijker, maar minder bewuste stijl van leven.

Onverschrokken gaat hij door. Hij wil zijn visie graag realiseren, maar hij merkt dat het leven zich niet zomaar laat temmen. Vroeg of laat zal hij persoonlijke problemen ervaren. Deze uitdaging zorgt ervoor dat hij op een gegeven moment geen andere uitweg meer ziet dan op de te geven en los te laten. Hij hangt als ware op de kop aan een tak (De Gehangene – 12) en weet niet hoe hij zich moet losmaken om dit probleem aan te pakken. Dit geeft hem een gevoel van eenzaamheid. Maar op het diepste punt, als hij besluit om het allemaal los te laten, begint zijn leven zich plotseling heel voorzichtig voor hem uit te vouwen. Plotseling lijkt het allemaal wat gemakkelijker te gaan. Heel voorzichtig stelt hij zich kwetsbaar op en ontdekt hij dan medewerking krijgt van zijn eigen innerlijk, maar ook van de mensen om hem heen. Als hij na enige tijd weer met beide voeten op de grond staat, kan hij terugkijken op een heel belangrijk moment in zijn leven.

Naar aanleiding van deze ervaring begint de Dwaas oud gedrag te elimineren. Wat hem niet meer dient, laat hij los. Hij doorleeft diverse eindpunten als uitgeputte aspecten van zijn leven. Hij merkt dat dit ruimte geeft voor nieuwe impulsen. Figuurlijk gezien voelt het aan als sterven (De Dood – 13), maar alleen om ruimte te geven om tot ontwikkeling te komen. Wat eerst verschrikkelijk leek, blijkt nu een geschenk van de kosmos, op weg naar een nieuwe, meer bevredigende manier van leven.

Sinds het moment dat de Dwaas de kluizenaar in zichzelf omarmt heeft leek zijn leven wel een vergaarbak van emotionele pijn. Dan komt hij in aanraking met de stabiliserende werking van Gematigdheid (14). Hij komt erachter hoe belangrijk evenwicht is in zijn leven. Hij ontmoet extreme uitdagingen, maar hij kwam er ook achter dat er in hem gezondheid en welzijn verstopt kan zijn. Het is alleen de kunst om die bronnen aan te boren. De engel die hij ontmoet keert hem hoe mooi matigheid kan zijn als je het vergelijkt met de veel hardere uitstraling van de Zegewagen. De Dwaas gaat langs de kant van de weg zitten om na te denken over de weg die hij tot nu toe heeft afgelegd. Hij is trots op zichzelf als hij ziet hoever hij al is gekomen.

Nu hij gezondheid, een rustig hoofd en beheersing heeft bereikt, vraagt hij zich af wat hij nog meer nodig heeft. Als hij zo naar de dagelijkse gang van zaken kijkt is hij eigenlijk toch wel tevreden, maar moedig als hij is wil hij toch nog de diepere lagen van zijn persoonlijkheid onderzoeken. Net op het moment dat hij dat wil gaan doen ontmoet de Dwaas de Duivel (15). De Duivel is geen gemeen en sinister uitziend figuur, maar de knoop van hulpeloosheid en angst die binnen in ons allemaal zit. Materiële verleidingen om hem heen kunnen een slaaf van hem maken. Hij is iemand die niet verder kijkt dan zijn neus lang is. De Duivel zorgt ervoor dat hij uit angst niet verder kijkt dan materiële aspecten. En dat terwijl de echte rijkdom binnen in hem zit. Even heeft de Dwaas niet door hoe ernstig hij verward zit in de ketenen van de duivelse figuur. Maar na enige tijd komt hij er op een harde manier achter dat het toch echt anders moet in zijn leven.

Hoe kan hij zich losmaken van de Duivel? De Dwaas denkt daar lang over na en komt tot de conclusie dat hij dat alleen maar kan door een plotselinge verandering. Hij ontdekt dat hij in een grijze, koude toren (Toren – 16) zit. Het leek een bescherming, maar hij komt erachter dat het eigenlijk een gevangenis is. En plotseling voelt hij de grond onder zijn voeten schudden. Tot zijn schrik komen er scheuren in de muren. Wat er dan gebeurt kan hij later niet meer navertellen, alleen dat hij plotseling tussen de brokstukken van de toren zit en dat hij de woeste wolken van de storm langs de hemel ziet drijven. Niet alleen de toren is verwoest, maar ook zijn persoonlijkheid ligt tijdelijk aan gruzelementen. De Dwaas voelt zich vernederd, maar als hij eerlijk is dan ziet hij ook wel dat hij deze aframmeling nodig had om weer met beide benen op de grond te komen. Hij staat op en kijkt om zich heen. Nu de wereldveranderende invloeden van de Toren ervaart de Dwaas nu kalmte. Eindelijk een gevoel van gewoon zijn. Hij haalt opgelucht adem en is blij dat hij er nog is. Hij kijkt omhoog en ziet in de donkere hemel één prachtige ster (Ster – 17). Hij concentreert zich een tijdje op de lichtje boven hem en voelt zich zo ontzettend rustig. Zo zittend in die donkere nacht, na die levensveranderende ervaring, krijgt hij nu hoop en inspiratie om zijn leven op een andere manier te gaan inrichting. Hij hoeft zich niet langer te verschuilen. Zijn zelfvertrouwen en vertrouwen in de toekomst zijn hersteld. Dit is een magisch moment na de storm die alles vernietigd heeft.

Zijn overmatige gelukzaligheid maakt hem ook vatbaar voor de illusies van de Maan (18). In die dromerige staat ziet hij geen verschil meer tussen fantasie en werkelijkheid, terwijl dat juist iets is wat hij nodig heeft. De Maan stimuleert zijn creativiteit, maar zet ook de deur wagenwijd open naar bizarre beelden die uiteindelijk uitmonden in het omhoog komen van diepgewortelde angsten. Het zijn angsten die nog zijn overgebleven uit zijn zoektocht naar zichzelf. En deze ervaring zorgt er weer voor dat de Dwaas verbijsterd voor zich uit zit te staren. Hij dacht dat hij het snapte, maar het bleek niet zo te zijn. Hij neemt de tijd, want na zijn ervaring met het Rad van Fortuin weet hij dat er vanzelf weer licht zal schijnen op zijn situatie.

Na de donkere nacht komt er in het oosten een heldere Zon (19) op. Die geeft licht op de plekken die nog duister waren; de duistere plekken in zijn geest. De Zon verjaagt de wolken en verwarmt de aarde. De Dwaas laat zich opwarmen en begint het leven weer als wat lichter te ervaren. Langzamerhand verdwijnen de angst en de pijn. Hij voelt zich energieker en enthousiast. De Dwaas gaat steeds bewuster door het leven en hij ervaart de goedheid ervan. Opgewarmd en blij trekt hij naar zich toe wat hij nodig heeft in het leven en is niet benauwd om te vragen om wat hij nodig heeft.

Na deze ervaring voelt de Dwaas zich als herboren. Zijn oude ego heeft hij afgeworpen waardoor zijn stralende, echte persoonlijkheid de ruimte heeft gekregen naar buiten te komen. Hij heeft geleerd om zichzelf en de mensen om hem heen te vergeven. Eigenlijk heeft hij wel een beetje spijt van zijn fouten, maar hij weet ook dat hij die fouten nodig had om zijn leven te vormen tot wat het nu is. Maar ja, hij wist immers niet beter. De Dwaas is klaar om opnieuw te beginnen. Het is tijd om een diepere beoordeling te maken van zijn leven. De dag des oordeels (het Oordeel – 20) is aangebroken. Nu hij heeft kennis gemaakt met zijn echtheid, kan hij ook belangrijkste beslissingen nemen met betrekking tot zijn toekomst. Hij scheidt het kaft van het koren en laat lot wat hem niet langer dient. Hij is klaar om zijn droom te gaan vervullen.

En met het einde van de reis in zicht komt de Dwaas als herboren terug in de (Wereld – 21). Hij kan terugkijken op een lange reis waar hij heel veel geleerd heeft. Niet alleen over zichzelf, maar ook over de wereld. Hij heeft het geleerde geïntegreerd in zichzelf waardoor hij een hoger niveau heeft bereikt. Hij heeft echter niet de illusie dat hij er nu is. Hij heeft slecht een van de reizen afgerond. Maar na de afronding start hij direct met een volgende reis. Een reis die hem opnieuw met hoogte- maar ook met dieptepunten in aanraking zal brengen. Iedere keer zal hij in een nieuwe situatie weer als een Dwaas beginnen. Hij weet dat dat niets geeft, want door het leven te ervaren zoals het naar hem toekomt zal hij snel tot ontwikkeling komen.

En zo blijkt de Dwaas toch niet zo dwaas is. Eigenlijk is hij dapper op zoek naar verdieping van zichzelf. Hij werd zich bewust van het feit dat alles in een cycli voortbeweegt. Weldra begint er een nieuwe reis. Een reis die hem naar nog hogere punten van welzijn en begrip zal brengen.